Klassenindeling WHOA

Over het akkoord wordt gestemd in klassen. De rechter zal het akkoord niet homologeren als niet ten minste één klasse van schuldeisers heeft ingestemd. Als het akkoord de rechten wijzigt van schuldeisers die in faillissement een uitkering zouden krijgen moet ten minste één zo een klasse instemmen.

Klassen dienen zo ingedeeld te worden dat deze bestaan uit schuldeisers of aandeelhouders met een vergelijkbare positie wat betreft de rechten die zij bij een faillissement hebben of op basis van het akkoord aangeboden krijgen. Voor kleine mkb’ers (schuldeiser met maximaal vijftig werknemers) met een vordering voor geleverde goederen of diensten geldt dat zij in een aparte klasse worden ingedeeld als aan hen minder dan twintig procent van hun vordering wordt toebedeeld. Schuldeisers met een pand- of hypotheekrecht zullen doorgaans in twee klassen worden ingedeeld: een klasse voor het gedeelte waarvoor zij in faillissement uit hoofde van hun zekerheidsrecht verhaal kunnen nemen en een klasse voor het overige, ongedekte (blanco) deel van hun vordering.

Op basis van een (voorlopige) klassenindeling zal dus moeten worden ingeschat of ten minste één klasse van schuldeisers waarvan de rechten worden gewijzigd met het akkoord zal instemmen.

Ja, ik wil een adviesgesprek


    Rechtsvorm*


    Aantal medewerkers:*

     Uw privacy gewaarborgd  100% vertrouwelijk

    Onder de WHOA gelden vier afwijzingsgronden die de rechter toetst op verzoek van een niet-instemmende stemgerechtigde schuldeiser of aandeelhouder uit een niet-instemmende klasse:

    1. Uitgangspunt is dat de reorganisatiewaarde moet worden verdeeld conform de wettelijke en/of contractuele rangorde. Op grond van deze regel kunnen schuldeisers en aandeelhouders met een lagere rang geen uitkering ontvangen of rechten behouden als de rechten van een schuldeiser met een hogere rang onder het akkoord worden gewijzigd. Van dit uitgangspunt mag worden afgeweken als daar een redelijke grond voor bestaat en de getroffen schuldeisers of aandeelhouders niet in hun belang worden geschaad.
    2. Schuldeisers moeten in principe kunnen kiezen voor een uitkering in geld (de ‘cash out’-optie ook wel uitstaprecht) gelijk aan het bedrag dat zij bij een faillissement zouden hebben ontvangen. Deze optie moet dus in het akkoord geboden worden en deze cash out moet dan ook gefinancierd worden. Een uitzondering op deze regel geldt voor bedrijfsmatige financiers met een pand- of hypotheekrecht. Voor hen geldt dat zij voor het gesecureerde deel van hun vordering wel gedwongen kunnen worden genoegen te nemen met een nieuwe of gewijzigde schuldvordering, met dien verstande dat zij niet slechter af mogen zijn dan in faillissement.
    3. Bedrijfsmatige financiers met een pand- of hypotheekrecht kunnen voor het gedekte deel van hun vordering niet gedwongen worden genoegen te nemen met (certificaten van) aandelen.
    4. Aan de hiervoor genoemde mkb’ers met een handelsvordering of vordering uit onrechtmatige daad moet in beginsel minstens twintig procent van hun vordering worden toebedeeld, in geld of in een andere vorm. Met een zwaarwegende grond mag hiervan worden afgeweken; deze groep dient dan wel in een separate klasse te worden opgenomen.

    "In de praktijk zal vaak behoorlijk wat gepuzzeld moeten worden met verdelingsscenario’s om tot een klassenindeling en verdeling te komen die haalbaar en eerlijk is. "

    In de praktijk zal vaak behoorlijk wat gepuzzeld moeten worden met verdelingsscenario’s om tot een klassenindeling en verdeling te komen die haalbaar en eerlijk is. Inzicht in de mogelijke indelingen en verdelingen vergt een overzicht van de schuldeisers, het bedrag van hun vorderingen (en een beoordeling indien betwist), de daaraan verbonden rang, pand- en hypotheekrechten, voorrechten en achterstellingsafspraken, de faillissementswaarde van die posities en de waarde van wat daarop wordt aangeboden, en inzicht in de verschillende belangen van stemgerechtigden. Inzicht in hun belangen is uiteraard ook relevant om in te schatten hoe die het beste kunnen worden bevredigd om zoveel mogelijk draagvlak te vinden en de kans op homologatie te vergroten.

    Een klasse heeft ingestemd met het akkoord wanneer schuldeisers dan wel aandeelhouders die ten minste twee derden vertegenwoordigen van het totale bedrag aan vorderingen behorend tot de schuldeisers respectievelijk van het totale bedrag aan geplaatst kapitaal behorende tot de aandeelhouders, die binnen die klasse een stem hebben uitgebracht, hebben voorgestemd. Het gaat dus om het totale bedrag waarop is gestemd, niet om het aantal stemgerechtigden, en er geldt geen quorumvereiste.

    Het is in ieder geval raadzaam om vroegtijdig in gesprek te gaan met (potentiële) stemgerechtigden over aspecten die voor hen van belang zijn en uiteindelijk zelfs aan homologatie in de weg kunnen staan. We noemden de liquiditeitsprognose en de reorganisatie- en faillissementswaarde maar ook over de mogelijke klassenindeling en het voorgenomen aanbod onder het akkoord kan dit in de rede liggen.

    Blijkt de WHOA niet uitvoerbaar dan zijn er ALTIJD andere oplossingen om uw bedrijfsactiviteiten veilig voort te zetten.

    Elke onderneming en elke situatie is uniek. De ervaring is echter dat wanneer de liquiditeitspositie van de onderneming nijpender wordt het aantal opties tot herstructureren beperkter wordt. Neem dus liever eerder dan later contact op met onze herstructureringsadviseurs.

     

     

    Plan vandaag nog een adviesgesprek. Bel 085 – 0734455